dinsdag 10 september 2013

Taal

De taalontwikkeling van mijn kleinzoon verloopt voorspoedig. Elke keer als ik hem zie, heeft hij weer nieuwe woorden geleerd. Vooral de eerste keer dat hij 'Oma Tiny' zei was natuurlijk super. Maar voor het zover was...

Eerst noemde hij me 'Mina'. Nu heb ik een hele lieve tante die Mina heet, maar ik zat toch te wachten op 'Oma.' Toen hij uiteindelijk in staat was om 'Oma' te zeggen, maakten we het hem gelijk al weer moeilijk. Als je twee oma's hebt, moet je ze natuurlijk wel kunnen onderscheiden. Mijn dochter bedacht dat dat maar gewoon met de voornaam moest. Oma Tiny dus.

Mijn kleinzoon dacht er anders over. We zijn dan ook een hele tijd 'Opa en Oma Elmo' geweest. Eigenlijk kon hij 'Elmo' nog eerder zeggen dan 'Oma'. Het is uiteindelijk toch 'Oma Tiny' geworden maar niet nadat hij me eerst nog een poos 'Oma Nutty' heeft genoemd. Nu ben ik ook wel een beetje 'Nuts' natuurlijk. Ik kan me nog herinneren dat mijn dochter ooit meende op Facebook te moeten zetten: 'I shook my family tree and a bunch of nuts fell out.' Tja, dan is 'Oma Nutty' ook niet zo gek.

Maar nu is het dus 'Oma Tiny'. Alleen 'Opa Harman' moet hij nog oefenen want dat is nog steeds 'Opa Armlam'. Maar ook dat zal hij wel onder de knie krijgen. Want hij oefent genoeg. Hij kletst de hele dag door. Het is vermakelijk om er weer eens een dag getuige van te zijn:

Mijn kleinzoon is een echte jongen en echte jongens halen natuurlijk wel eens kattenkwaad uit. In dit geval letterlijk want hij schopt de kat. Dus moet hij voor straf naar boven. Als hij zijn zonden heeft overdacht en vooral uit heeft geschreeuwd en daarna spijt heeft betoond, mag hij weer naar beneden om 'sorry' te zeggen tegen de poes. Maar die is hem natuurlijk al lang gesmeerd. Mijn kleinzoon loopt zoekend door de kamer: 'Poes, benne nou? Poes, poes? Sorry poes.' Poes heeft zich de hele dag niet meer laten zien.

Aan het eind van de dag is mijn dochter moe van zijn geklets en zegt tegen hem: 'Kun je nu niet eens één minuut je mond dicht houden?' Mijn kleinzoon bedenkt zich niet en doet zijn mond wagenwijd open. Wij stikken bijna van het lachen en dat heeft hij natuurlijk wel door, dus doet hij steeds gekker. Maar praten doet hij niet. Tenminste, niet met zijn mond, maar zijn lichaam spreekt een eigen taal. Niets zeggen en ondertussen alles zeggen. Dat belooft wat voor de toekomst. Ik denk dat ik maar snel weer een opschrijfboekje* aanschaf.






woensdag 28 augustus 2013

Zon

Zondagavond hadden we zomaar zin om de zon in de Zuiderzee te zien zakken. Mijn man ging Googlen op zijn Ipad en las daar dat de zon die avond om 20.42 uur onder zou gaan. En dat Schokland een goede plek zou zijn om dat schouwspel te zien. Wij stapten om half acht in de auto, ruim op tijd, naar wij dachten.

Toen we richting Schokland reden, zagen we al dat het niet goed zou komen. We zouden met de rug naar de zee, de zon onder zien gaan in de polder. Ook leuk, maar niet wat we wilden. Dus reden we verder en kwamen uit in Urk. Daar parkeerden we de auto buiten het dorp bij de haven en gingen vervolgens op zoek naar de zee. Dat was nog niet zo eenvoudig want elke weg liep dood. Er was altijd wel weer een hek dat op slot zat. Mooie foto's konden wel gemaakt worden, maar dichtbij de zee konden we via de haven niet komen.

We liepen weer terug naar de doorgaande weg en volgden de bordjes naar het centrum. 'We moeten opschieten,' zei mijn man, 'want anders is de zon straks al onder.' In draf gingen we door het dorp op weg naar de zon.
Eindelijk zagen we het vrouwtje dat uitkijkt over de zee. En de zon. Ze had netjes op ons gewacht. Ik maakte de ene foto na de andere.

Daarna slenterden we over de kade. Af en toe stopten we omdat er weer een mooi plaatje te schieten was. We vonden een mooi bankje met uitzicht over de zee en besloten daar te wachten tot de zon helemaal onder zou gaan.

Maar natuurlijk kon ik niet blijven zitten, ik zag weer van alles waar het fototoestel aan te pas moest komen. Mijn man werd er ook door aangestoken. 'Als je nu iets naar boven loopt en een foto maakt van de zon, door de lantaarn,' stelde hij voor en hij liep zelf alvast naar boven. Ik liep erachteraan. De zon was niet te zien door de lantaarn, maar er waren wel genoeg andere mooie plaatjes te schieten.

Toen we weer terug wilden naar ons bankje was dat natuurlijk alweer bezet. We liepen door, kwamen op het strand en wachtten daar tot de zon helemaal onder was. Wat een prachtig gezicht. De zon werd steeds mooier en roder. Vijftig foto's later gingen we terug naar de auto. 
Daar gekomen kon ik het niet laten om toch nog weer even een foto te maken van de haven.

Nu ik dit schrijf moet ik denken aan Herman Finkers met zijn conference 'De zon gaat zinloos onder, morgen moet zij toch weer op.' Zinloos? Ik vind van niet! Wat was het prachtig en wat hebben we genoten. Deze ZONdag deed zijn naam alle eer aan.


woensdag 21 augustus 2013

Vergeten

Vroeger had mijn moeder soms de gewoonte om kopjes om te wisselen. Mijn man kreeg dan mijn kopje koffie en ik die van hem. Tegenwoordig overkomt me nogal eens precies hetzelfde en mijn man zegt dan: 'Je begint op je moeder te lijken.'
Daar schrik ik van. Zou Alzheimer zo beginnen?

Kent u het? Afspraken in de agenda schrijven en dan vergeten in de agenda te kijken? Ben u ook regelmatig dingen kwijt? Ik wel. Vorige week was ik tuinbonen aan het inmaken, kreeg ik telefoon tussendoor en weg waren de bonen. Ik keek in de vriezer of ik ze daar al ingedaan had, maar nee, niet dus. 'Ik ben een boon als ik weet waar ze gebleven zijn,' dacht ik. Niet meer zoeken helpt meestal het beste om iets terug te vinden en ja hoor, ze lagen in de koelkast. Moet ik me zorgen maken?

Ik heb besloten om dat niet te doen. Jammer van de energie die ik daarin steek. Als het zo is, dan is het zo. Dan hoop ik dat de mensen om mij heen liefdevol voor mij zorgen. Als het niet zo is, dan heb ik me in ieder geval niet voor niets bezorgd gemaakt. Het is wel een stimulans om van alle dingen extra te genieten.

Deze week bereikte het vergeten een absoluut dieptepunt:
Ik was vorige week met een schoonzusje bij 'De Kleine Winst' geweest. Eindelijk, zou ik haast zeggen, want van diverse mensen had ik al gehoord dat het zo'n mooie winkel was. En ze hebben gelijk, ze hebben erg mooie spullen. Vooral één schilderij vond ik heel mooi. 'Dat zou perfect in mijn serre staan,' zei ik tegen mijn schoonzusje, die dat beaamde.
Een paar dagen later ging ik met mijn man nog eens naar het schilderij kijken. We gingen over tot de koop en mijn man hing het schilderij direct op. Sindsdien geniet ik van mijn boom.

Ik mailde mijn vriendin dat ik eindelijk bij 'De Kleine Winst' was geweest en een schilderij had gekocht. Ik vertelde haar dat het liefde op het eerste gezicht was geweest en nodigde haar uit om te komen kijken. Dat deed ze maandag.
Toen ze het schilderij zag, schoot ze in de lach en zei: 'Dat schilderij hangt al een paar jaar in mijn woonkamer.'

Ik vertelde het 's avonds aan mijn dochter met de mededeling dat ik nu toch echt dement aan het worden ben. Zij zei: 'Mam, dat is geen Alzheimer, dat is totale desinteresse voor wat iemand in de kamer heeft hangen.' Dat klopt ook wel, want als ik er over nadenk, weet ik alleen maar van mijn dochters wat ze in hun kamers hebben hangen, voor de rest zou ik het niet kunnen zeggen. Nou ja, van mijn vriendin weet ik het nu ook!


Laatst hoorde ik iemand zeggen: 'Als je ouder wordt, wordt alles minder, behalve het vergeten.' Die uitspraak heb ik onthouden. Dat dan weer wel!

woensdag 7 augustus 2013

Gebed van een moeder

Heer, ik maak me zorgen om mijn kind:
Zelfstandig gaat ze haar eigen weg,
ze doet allang niet meer wat ik zeg,
en ook niet wat U belangrijk vindt.

Ik ben zo bang dat ze dwaas is
– geheel vervuld van eigen leven,
zonder aandacht aan U te geven –
en dat ze dan straks het feest mist.

Ik hoop dat U haar nog wat tijd geeft.
Dat U ligt te slapen in haar boot,
totdat het stormt en ze in nood,
beseft dat ze U toch nodig heeft.

Ik bid dat U nog wat geduld heeft.
Ook al zoekt ze U niet meer,
blijf haar tegenkomen, Heer.
Totdat ze haar hart weer aan U geeft.

zondag 21 juli 2013

Boerenkool

Dit is Ingel. De nieuwe puppy van mijn dochter en schoonzoon. Maar  - omdat ze bij ons in huis woont  - ook een beetje mijn puppy. Wat Ingel met boerenkool te maken heeft zal ik u zo uit de doeken doen. Eerst wil ik u graag vertellen waarom ik vorige week, op een zomerse dag, een winterse groente stond in te vriezen.

Vorig jaar hebben we voor het eerst boerenkool gezaaid. Het lukte niet echt, het bleven maar mini-plantjes. Waarschijnlijk veel te laat gezaaid. 'Dat overkomt me niet weer,' dacht ik. Dus dit jaar deed ik wat op het pakje stond. Ik zaaide in mei om in oktober te oogsten. Ik strooide kwistig met het zaad met de gedachte dat, als de helft op zou komen, ik een leuk aantal plantjes zou hebben. Uiteindelijk kwamen er zevenenvijftig plantjes op. Meer dan genoeg zou je denken.

Maar dat was nog niet alles. Twee winters terug kreeg ik paarse boerenkoolplantjes van mijn schoonzoon. De opbrengst was goed en ondanks de kleur hebben we er lekker van gegeten. De laatste keer dat ik oogstte, sneed ik de plantjes net boven de grond af. De rest zou ik er nog wel een keer uithalen. Niet dus.

Tot mijn grote verbazing begonnen de stompjes in de lente weer uit te lopen. Er kwamen prachtige gele bloemetjes in. Ze mochten blijven tot ze uitgebloeid waren, daarna verdwenen de planten in het compostvat. De inhoud van dat vat heb ik in het najaar over mijn moestuintje uitgespreid. En daar kwamen toen dit voorjaar overal spontaan paarse boerenkoolplantjes op. Daarom stond ik dus vorige week met dat mooie weer al boerenkool in te vriezen.

De zevenenvijftig gewone plantjes was al veel, maar nu ik ook nog zomaar weer paarse boerenkool kreeg werd het teveel. Weggeven is dan de beste optie. Ik vroeg mijn zwager of hij nog belang had bij boerenkoolplanten. Jawel, hij wilde wel tien planten met worst en tien planten zonder. Dus kocht ik een blik knakworst en leverde de plantjes af met en zonder worst.

En nu kom ik weer bij Ingel. Die zit elke keer net naast de boerenkool in de moestuin gaten te graven. Op deze foto heeft ze daarvoor straf. Maar zie haar nu onschuldig kijken. Net of ze zeggen wil: 'Ja maar, ik heb je horen zeggen dat er worst bij boerenkool hoort. Dus zit de worst vast verstopt in de grond. Ik wil ze alleen maar vast voor je opgraven. Raar hoor dat ik daar straf voor krijg.'

Wat het allemaal nog zal worden met de boerenkool is afwachten. De plantjes zijn ook al ontdekt door slakken. Maar in ieder geval zit de eerste oogst in de vriezer. Want hoe gek ik ook ben op boerenkool, ik ga het toch echt niet in de zomer eten.





donderdag 18 juli 2013

Lofzang*

Als ik een man een psalm hoor fluiten,
sluit ik even de ziekenhuiswereld buiten.
De lofzang klinkt uit de centrale hal.

Er is een Hoorder, die ons horen zal.
Hij zal redden wie Zijn heil verwacht.

Zachtjes zing ik mee met stil ontzag.


*Ps. 65:1



woensdag 12 juni 2013

Wachtkamer

Je zit te wachten tot de dokter je haalt.
Je hoort de uitslag die hij steeds weer herhaalt:

Nog even te leven.

De avond van je leven kleurt nu rood.
Je zit in de wachtkamer van de dood.

Door de artsen opgegeven.
Maar God belooft je eeuwig leven.