zondag 6 september 2015

Gedichtenserie gebed 6


En vergeef ons onze schulden

De rode draad in mijn leven –
mijn zonden – met mij verweven.
Schering en inslag. 
Elke dag.

De witte draad in mijn leven –
vergeving – door God mij gegeven.

Een rode en een witte draad,
zo lang het weven verder gaat.




maandag 24 augustus 2015

Test


Het was 29 juli. Ik weet het nú precies. Ik was die dag bij de bloedbank om plasma te geven. Maar ik vulde op het vragenformulier in dat het 24 juli was.
Nu weet ik niet hoe belangrijk zo’n datum is op dat formulier, maar ik houd er niet van om fouten te maken. Dus toen ik aan de beurt was bij de controlearts was dat, na de begroeting, het eerste wat ik zei: ‘Ik heb de datum verkeerd ingevuld.’

‘Daar begint het mee,’ zegt de arts, in een poging grappig te zijn. Maar als je van dichtbij meemaakt dat iemand steeds meer vergeet, is het opeens minder grappig. ‘Het is ook onderdeel van een test die door neurologen gemaakt is,’ gaat hij verder. ‘Dan moet je eerst vier woorden nazeggen...' Hij dreunt de woorden BOOM, ROOS, VIS en VUUR op en kijkt me aan. Ik heb geen zin om het spelletje mee te spelen, dus houd ik mijn mond. ‘Daarna vragen ze: Wie is de koningin van Nederland,’ gaat hij door, 'en dan vragen ze naar de datum.’ Ik reageer nog steeds niet. De test is me te bekend. Mijn gedachten gaan terug naar het moment dat ik meeging met mijn moeder, die deze test moest maken:

Mijn moeder was erg tegendraads, die dag. Kort daarvoor was ze naar het ziekenhuis geweest voor haar ogen. Het bleek dat ze staar had. De arts wilde haar wel opereren maar mijn moeder zei: 'Man, ik ben al doof, moet ik nou ook nog blind worden?' Toen we dus weer naar het ziekenhuis gingen, dacht mijn moeder dat ze opnieuw naar de oogarts moest. Dat ze van plan waren haar een nieuwe bril aan te smeren.
In het ziekenhuis wilden ze eerst lengte en gewicht weten. ‘Wat een gelul toch veur een nieuwe brille,’ zei mijn moeder. Toen kwamen de testen. Een test met algemene vragen, waaronder dus die van de datum. Nog twee testen met vragen waar mijn moeder niks mee kon. Tot slot een taal- en rekentest. Rekenen was mijn moeders sterkste kant en ze had dan ook nog best veel antwoorden goed. Ook met taal redde ze zich aardig. Op het laatst werd haar gevraagd een volledige zin op te schrijven. Ze hoefde niet na te denken. Ze pakte de pen en het papier en schreef in haar keurigste handschrift: 'Ik ben niet van plan een nieuwe bril te kopen.'

De keuringsarts roept me weer terug in het heden. ‘Er zijn mensen die ontwijkende antwoorden geven of helemaal geen antwoord,’ gaat hij onverstoorbaar door en kijkt me lachend aan. Ik lach maar een beetje mee en denk ondertussen: ‘Schiet nou maar op met je eigen test.’
Al pratend ontsmet hij mijn vinger, prikt erin, veegt het weer netjes schoon met een watje en plakt er een pleister op. Ik kijk hem verbaasd aan. ‘Ehmm, moet je het HB-gehalte niet weten,’ vraag ik. De arts ontdekt zijn fout en maakt de pleister weer open en neemt wat bloed af voor de test. ‘Wie heeft nou last van wat,’ kan ik niet nalaten te vragen. Beteuterd kijkt hij me aan en dan grinniken we allebei maar wat.


Met een HB-gehalte van 8.3 en een bloeddruk van 70/120 ben ik voor deze test geslaagd en mag ik plasma geven. Nu maar hopen dat ik die andere test nooit hoef te maken.

donderdag 25 juni 2015

Rouw

Rouw

om vader

In mijn hart is een plekje dat voortdurend schreit.
Het gemis blijft nu de tijd door de dagen glijdt
en de scherpe randjes van mijn verdriet af slijt.

Het is goed, er kwam een eind aan je strijd.
Je bent ver weg, maar toch altijd dichtbij.


om moeder

Je bent er nog, maar ik neem al afscheid.
Stukje bij beetje raak ik je kwijt.
Langzaam glijd je weg in vergetelheid.

Deze rouw slijt niet door de tijd,
er komen steeds meer scherpe randjes bij.






zondag 24 mei 2015

Jong geleerd...

Jong geleerd...

Een klein meisje leerde psalmen uit haar hoofd.
Gezongen woorden, die ze daarna heeft geloofd.

Nu is ze oud, kent haar kinderen niet meer,
maar ze zingt nog steeds de liedjes van haar Heer.

Een klein meisje leerde psalmen uit haar hoofd.
Vlammetjes van liefde, die nooit werden gedoofd.







vrijdag 1 mei 2015

Ongelovig


Ik ben een ongelovige! Het is een wonder – en dan bedoel ik ook ECHT een wonder – dat God mij zover heeft gekregen dat ik in Hem ging geloven. Maar voor de rest ben ik een ongelovige. Alles wat er meer is tussen hemel en aarde, doe ik al snel af als zweverig. Toch zweef ik nu zelf een beetje...

Het begon allemaal met een massage. De masseuse constateerde dat ik een beenlengteverschil had en zei dat daar een boel klachten uit voort konden komen. Ze gaf me een kaartje mee voor Dorntherapie. 'Hoe kan nu een therapie ervoor zorgen dat mijn beenlengteverschil verdwijnt,' vroeg ik me ongelovig af. Omdat ik niet zoveel zin had in weer een therapie, bleef het kaartje op de kast liggen. Maar de pijn in mijn been werd erger en mijn heup deed inmiddels al een tijdje mee. Dus onder het motto 'baat het niet, het schaadt ook niet' maakte ik een afspraak.

En daar lag ik weer op een andere behandeltafel. Ik keek eens om me heen. Op de muur was van alles te lezen. Er hing een plaat met een voet want de therapeute deed ook aan voetreflexologie. En verder aan tenenlezen, reiki, oorkaarsen en dat is nog maar een selectie van alles wat ze in haar mars had. 'Waar ben ik nu weer beland,' vroeg ik me af.

Het beenlengteverschil was met één oefening weg. De rest van de rugklachten behandelde ze door voetreflexologie. En passant vertelde ik haar ook nog even dat ik de laatste tijd van die scheuten door mijn knie kreeg. Tja, als ze toch bezig is... Maar daar had ze weer een andere verklaring voor. Omdat het mijn rechterknie was, duidde het op een mannelijk wezen en omdat het aan de binnenkant zat, betekende het dat ik het in het verleden moest zoeken. Tjonge. Volgens haar kwam het omdat ik de emoties over het verlies van mijn vader wegstop en niet toelaat. Tenminste, dat heb ik ervan begrepen want het begon me allemaal een beetje te duizelen.

Maar de pijn was daarna een stuk minder. Er was nog één plek in mijn rug die pijn deed en dat straalde wel door naar mijn been, maar de pijn in mijn heup, die erbij gekomen was, was verdwenen. Ik vertelde van die plek bij het controlebezoek, maar omdat de orthopedisch chirurg ooit gezegd had dat die pijn niet weg zou gaan, verwachte ik niets. Maar mijn therapeute was niet zo snel tevreden. Dus ging ik voor een tweede bezoek.

Inmiddels had ik ergens zwemmerseczeem opgelopen. Dat vertelde ik haar toen ze mijn sokken uit wilde doen. Ze ging toen mijn tenen lezen. Ongelovig hoorde ik haar aan. Het was mijn rechtervoet, dat duidde op 'denken.' En omdat het tussen mijn kleine teen en die ernaast zat duidde dat weer op 'onzekerheid/angst' in combinatie met 'gehechtheid/controle.' 'Gooi maar in mijn pet, ik zoek het morgen wel uit,' dacht ik ongelovig. Dus het zou volgens haar gaan om iets als een huis of hypotheek of baan waar ik over liep te denken. Dit ging me echt te ver en ik kon ook niks bedenken. 'Zie je wel,' dacht ik, 'allemaal zweverig gedoe.'

Totdat een half uur later de deurbel ging. 'Ik verwacht niemand, dus laat maar bellen,' zei de therapeute.
'Vorige week had ik de inspecteur van de hondenbelasting aan de deur, maar ik heb geen hond' vertelde ze verder. Ik vertelde toen dat ik inmiddels ook hondloos was. Dat mijn dochter was vertrokken met haar honden. Dat ze een baan heeft in Luxemburg en dat ze waarschijnlijk ook niet weer thuis komt wonen omdat ze een huis gaat zoeken in Duitsland. Ze keek me aan en zei: 'Ik hoor je zeggen 'huis' en ik hoor je zeggen 'baan.'' Ik sputter nog iets tegen dat dat toch niet over mij gaat. Maar blijkbaar werkt het ook als het om een verwante gaat. Tjonge. 'Heb ik mijn vader in mijn knie en mijn dochter tussen mijn tenen,' dacht ik oneerbiedig. 'Nu moet je toch echt ophouden' dacht ik er vervolgens achteraan.. Ondertussen deed ze haar werk om mijn spieren weer in goede banen te leiden en daar kwam ik voor. De rest is me echt te zweverig.


De volgende dag is de pijn nog steeds weg. Ik word er een beetje zweverig van. Zou het dan toch? Nee, ik heb het te vaak meegemaakt en de pijn kwam altijd weer terug. Ik blijf toch een ongelovige Tinus.

woensdag 15 april 2015

Alz

Alz je moeder je niet meer kent
en denkt dat je haar moeder bent,

alz chaos in haar hoofd is gekomen
en haar verstand heeft meegenomen.

alz ze steeds weer hetzelfde vraagt,
omdat ze door onrust wordt geplaagd,

alz ze moet worden verzorgd als een kind,
terwijl ze dat zelf verschrikkelijk vindt,

alz het moment is gekomen
dat ze niet meer thuis kan wonen,

alz ze er wel en ook niet is,
dan rouw ik, omdat ik haar mis.




woensdag 11 maart 2015

Gedichtenserie gebed 5

Geef ons heden ons dagelijks brood

Gedachteloos eet jij je brood
ergens tussen de middag
en de bedrijven door.
Het ligt al op je bord,
heeft geen gebed meer nodig.
Wie denkt er aan de bakker?
Wie maalt er om de molenaar?
Om over de boer maar te zwijgen.

Sluit toch je ogen maar
voor de Schepper
en vouw je handen.
Hij, de oorsprong van alle leven,
liet graan groeien
door zon en regen te geven.
Hij wil dat wij Hem vragen om brood,
als een kind ons afhankelijk weten.
Vraag maar,
 de Vader wil graag geven.